Zeldzame wilde bij doet het goed op Texel

De Gewone langhoornbij was voorheen over het gehele land bekend, maar de aantallen zijn zeer sterk afgenomen. Deze bij nestelt in de grond en graaft zelf de gaten, vaak met soortgenoten in groepen bij elkaar. De Eucera longicornis is een grote bij, waarvan de mannetjes in het veld gemakkelijk te herkennen zijn aan de extreem lange voelsprieten. Ze lijken enigszins op hommels.


De Gewone langhoornbij zoekt nectar en stuifmeel op vlinderbloemen, de mannetjes zijn vooral gevonden op rode klaver (Trifolium pratense), maar blijken in 2014 ook te vliegen op Gewone ossentong. Tegenwoordig zijn er in Nederland nog slechts vier leefgebieden bekend: Texel, Nijmegen, Thorn en Zuid-Limburg. De eerste waarneming van vliegende mannetjes is in de maand april.

Van het eiland Texel waren waarnemingen bekend uit de jaren 1934 en 1938, zonder een beschrijving van de exacte locatie. In 2007 was er weer een melding van de Gewone langhoornbij op Texel. In het voorjaar van 2011 werd de broedlocatie gevonden van circa 200 nesten aan de westkant van het eiland. In 2014 was de populatie aan de westkant van Texel nog intact en vlogen de eerste exemplaren daar op 23 mei, de kolonie lijkt zich uit te breiden. Op 14 juli 2014 was het langhoornseizoen op Texel over.

Het geluid van gravende vrouwtjes werd opgenomen door Rob Buiter, wetenschapsjournalist voor het radioprogramma Vroege Vogels van de Vara en is daar te beluisteren.